Brand in Babylon

 

Hoofdstuk 4

 

Een spotlied op de koning van Babel !

 

En het zal geschieden ten dage, wanneer de HERE u rust geeft van uw smart en van uw onrust en van de harde dienst die men u heeft laten verrichten, dat gij dit spotlied op de koning van Babel zult aanheffen:
Hoe heeft de drijver opgehouden, opgehouden is de verdrukking! De HERE heeft de stok der goddelozen verbroken, de scepter der heersers, die in verbolgenheid zonder ophouden natiën sloeg, die in toorn volken vertrad in meedogenloze vervolging.

( Jesaja 14:3-6).

Wie is de koning van Babel ?
Bij deze vraag zoeken we niet alleen naar zomaar een naam die zijn werkelijke identiteit onthult, maar ook naar zijn activiteiten, zodat zijn identiteit niet alleen onthult maar ook ontmaskerd kan worden.
Zo lezen we in Jesaja 14 nogal wat kenmerken over zijn activiteiten.
Er wordt in vers 3 gesproken over onrust en harde dienst, en in vers 4 over de drijver, over slaan uit verbolgenheid, over meedogenloze vervolging en het vertreden van volken.
Kortom: de koning van Babel is een rasechte tiran.
Aan wie doet ons dat ook alweer denken? Aan Nimrod.

Nu is het niet zo dat deze Babylonische karaktertrekken slechts van toepassing zijn op één enkele koning van Babel. Nee, het is een patroon dat door de eeuwen heen steeds weer terugkomt. Het gaat dus in feite niet om de enkeling die zich als koning in deze tirannie een naam maakt, maar veel meer om dat wat er achter zit.

En zoals bij veel geschiedenissen in de Bijbel en vooral het Oude Testament, gaat het ook niet om de letterlijke figuren, maar om de geestelijke betekenis en interpretatie. Als wij ons dus afvragen wie de koning van Babel is, dan kunnen wij net zo goed de vraag stellen:

Welke geest zit er achter ?

Daar aan gekoppeld rijst dan ook de vraag:

En wat hebben wij daarmee te maken ?

We moeten eerst even vier karakteristieke kenmerken op een rijtje zetten. Onze tekst uit Jesaja 14 leert ons dat het gaat over:

Nader gedefinieerd:

Een goddeloze koning die heerschappij uitoefent door natiën te slaan en volken te vertreden.

Er zijn natuurlijk talloze regeerders op aarde geweest die aan deze beschrijving kunnen beantwoorden. Dat geeft ons des te meer aanleiding om niet te zien naar dat wat voor ogen is maar naar dat wat 'in de geestelijke wereld' te zien is.

Wij hebben uiteraard ook geleerd om verder te kijken dan onze neus lang is en daarom vervolgen we het lezen in het boek Jesaja. En jawel, nog geen 10 verzen verder wordt het geheim al onthuld. Ons spotlied op de koning van Babel brengt ons al heel snel en zonder duidelijk merkbare scheiding in het verhaal, bij 'de morgenster die uit de hemel gevallen is'. De overweldiger der volken, die bij zichzelf overlegd had dat hij zijn troon wilde oprichten naast die van God. ( Jesaja. 14:14). Hij wilde aan God gelijk zijn.

Maar ach wee, de man die de aarde deed sidderen en koninkrijken deed beven wordt neergeworpen in het dodenrijk, in het diepste der groeve. ( Jesaja. 14:15).

Was dit niet dezelfde persoon die ook aan Jezus de vraag stelde of Hij niet liever van hèm de macht over alle koninkrijken van de aarde zou willen krijgen? Daar hoef je niet zoveel voor te doen, alleen maar deze 'koning van Babel' als god erkennen. Dat betekent dus net zo veel als aanbidden.

We begrijpen natuurlijk wel, het gaat hier om de satan in hoogst eigen persoon. En dan wel in de hoedanigheid van 'overste der wereld', zoals hij door Jezus zelf genoemd wordt in Johannes 14:30.
Maar ons spotlied op hem gaat door, ook nu. Jezus zegt dat hij is buitengeworpen ( Johannes 12:31), de hemel uit, en aan 'de Koning der Koningen' heeft hij in ieder geval niets. Bij Jezus kan hij niet meer terecht om zijn verderfelijke heerschappij te laten gelden. Op Jezus heeft hij geen vat, Die heeft Zijn eigen Koninkrijk, dat niet van deze wereld is.

Met deze gegevens in het achterhoofd is het dan ook niet verwonderlijk dat juist die Babylonische heersers die de meest vernietigende invloed hadden op het volk van God, direct in verband gebracht kunnen worden met de 'god' die zij vertegenwoordigen.
Zo komen we achtereenvolgens de volgende namen tegen:


Babylonisch koningschap heeft dus eigenlijk alles te maken met regeren, besluitvorming, bestuur, het hanteren van de scepter van koningschap, enz.

Gods Koninkrijk echter is van een heel ander gehalte, want wat zegt God:

( Zach. 4:6)

Maar Babylonisch gewelddadig koningschap komen we niet alleen in het Oude Testament tegen, ook in het Nieuwe Testament vinden wij de kenmerken ervan terug.
Eerst wordt Jezus Zelf er mee geconfronteerd tijdens zijn 40 daagse uitstapje naar de woestijn, vervolgens komen wij het tegen in het boek Openbaring, waar het als een hint in de richting van Gods gemeente weer opduikt. Ook hier wordt het spotlied voortgezet:

"Weest vrolijk over haar ( Babylon ), gij hemel en gij heiligen, en gij apostelen en profeten, want God heeft uw rechtszaak tegen haar berecht." ( Openbaring 18:20).

De heerschappij van Babel staat lijnrecht tegenover de heerschappij van Jezus Christus, die gezegd heeft:

Voor Jezus zelf is dit gesneden (hemelse) koek. Wij die op de aarde zijn, behoren tot degenen die het geheimenis van deze overwinning en van het spotlied op de koning van Babel mogen ontdekken.

 

Powered by Website Baker